Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for november, 2008

Het proces van ‘hebben’ naar ‘zijn’ kan je als het om de menselijke ontwikkeling gaat, misschien wel het best samenvatten met: “worden wie je bent”

In dit proces zit ik bij aanvang in een fase van ‘zomaar-zijn’. Dan word ik mij op een gegeven moment bewust van deze staat van zijn. Dan treed de vervreemding op en wordt ik mij bewust van ervaringen die mij hebben gemaakt tot wat ik nu ben. Ik wordt mij bewust van ervaringen die ik ‘heb’.

Dit kunnen concrete ervaringen zijn, dingen die ik heb geleerd, leuke ervaringen die mij bevestigen in mijn kunnen. Dit kan ook een besef zijn van wat ik nu heb aan overtuigingen, gevoelens en gedachten. Het kan zomaar zijn dat ik mij toch schuldig voel ten opzichte van mensen omdat ik iets heb nagelaten wat ik moest doen. Deze gevoelens kunnen behulpzaam zijn als signaal in het relationele verkeer. Maar natuurlijk ook een gewaarwording van van vrienden om mij heen die mij steunen of van een God die van mij houdt.

Als het gaat om mijn ontwikkelingsproces ontkom ik niet aan de rol van en mijn relatie met mijn ouders. Mijn bewustwording van mijn relatie met m’n ouders gebeurt al vroeg. In mijn pubertijd vind er een belangrijk moment plaats. Ik ga dan in een proces van “zomaar-kind-zijn” naar “bewust-kind-zijn”. Dit gebeurt vaak via een tegenreactie. Daarvoor was alles nog een geheel en was ik ‘vanzelfsprekend’ al aangepast aan mijn ouders en mijn omgeving. Mijn moeder was een schat en mijn vader een held.

Dan komt er een soort breuk die gepaard gaat met bewustwording en afkeuring van m’n ouders. Ik wil mijn ‘eigen’ pad kiezen, maar mijn vrienden worden ook belangrijker. Ik ga me schamen voor m’n ouders en ik wil anders zijn, mezelf onderscheiden. Dit kan soms heel heftig gepaard gaan met conflicten en agressie. Een goed tegenspel van de ouders kan bijdragen aan het behoud van een gezonde hechting. Als ouder draag je bij aan een gezonde hechting door het kind te stimuleren in verbondenheid maar vooral ook in zelfstandigheid. Dat laatste is vaak moeilijker voor ouders.

In deze ontwikkeling naar zelfstandigheid is er ook vaak angst en onzekerheid aanwezig. Het is bekend dat een baby in de “nee-fase” extra angsten ontwikkelt voor verlies van de ouders. Met het ‘nee-zeggen’ tegen de ouders wordt immers de relatie onder spanning gebracht. Angst voor de vrijheid (vgl. Fromm) kan dus zijn de angst voor contact-verlies of de angst voor de eenzaamheid en misschien wel ten diepste angst voor het niet-zijn, als we ervan uitgaan dat we een ‘ik’ kunnen zijn door de ‘ander/Ander’. Maar dat wordt weer filosofisch…

In de psychologie is het ook bekend dat dochters vaak moeilijker tot zelfstandigheid komen dan jongens. Dat heeft dan te maken met de moedersymbiose. De eenheid tussen moeder en kind is vanaf de baarmoeder enorm sterk. Het kind groeit op en ontwikkelt een eigen identiteit. Echter omdat de meisjes lichamelijk meer op de moeder lijken is het voor hen moeilijker in hun ontwikkeling naar zelfstandigheid. Zo leren psycho-analytici.

Vanuit het zomaar-zijn volgt dus de bewustwording van datgene wat je hebt (invloed van ouders etc). Wat heb ik in mij aan invloeden uit mijn verleden? Welke ervaringen hebben mij gevormd? Hoe was mijn relatie tot mijn ouders? Waarin heb ik dingen gemist en waarin heb ik dingen ontvangen? Hoe ben ik omgegaan met mijn loyaliteit t.o.v mijn ouders? Welke verlangens zijn onderweg opgedroogd omdat er niet in werd voorzien?

Dit hoeft niet uit te monden in eindeloos navelstaren. Je bewustworden in wat je hierin aan vorming hebt ontvangen, maakt je ook weer bewust hoe je bent geworden tot wat je nu bent en vooral ook om zo je beleving van jezelf te ontplooiien. Je zelfbeeld wordt ingevuld al naar gelang je bewustwording van je verleden en van je heden. Ook reacties van mensen om je heen kunnen hiertoe bijdragen.

Bewustwording van je behoefte aan loyaliteit naast je behoefte aan vrijheid, kan je motiveren om ook te zorgen voor je loyaliteitsbanden. Volgens Nagy heeft een kind altijd deze loyaliteit in zich. Naast fysieke- en psychologische factoren speelt ook de relationele ethiek een belangrijk rol in de ontwikkeling. Door het besef van al deze factoren kom je tot een besef van wat je ‘hebt’ aan vorming en overtuigingen.

Maar dit beeld blijft altijd open en onafgerond. Telkens groeit je bewustzijn en doe je nieuwe ervaringen op. Dat maakt ‘zijn’ dus altijd ‘worden’. Juist omdat ik een geschiedenis achter mij ‘hebt’ en een toekomst voor me ‘hoopt’, is mijn ‘zijn’ altijd ‘worden in de tijd’.

Maar het groeien in dit besef van mijn ‘hebben’, is noodzakelijk om ook tot deze ontwikkeling te komen. Door dit besef zal ik genoodzaakt zijn om te reageren. Dit kan met gedachten, gevoelens maar ook met daden wanneer ik bijvoorbeeld besef dat ik tekort schiet in mijn loyaliteit aan mijn ouders.

Er zijn verschillende therapeutische stromingen die dit terrein van ‘hebben’ exploreren om zodoende het probleemoplossend vermogen van de mens te vergroten. Ik noemde al de contextuele therapie van Iwan Boszormeni-Nagy (spreekt uit als nodsj) die wijst op loyaliteitsbanden en op zoek gaat naar roulerende rekeningen. Hoe kan je een positieve draai geven aan je familie-erfenis. Maar ook Hellinger met zijn gezinsopstellingen lijkt mij een bijdrage aan de exploratie van de sfeer van het hebben. “Erkennen wat er is”, is een kreet dit ik daar veel tegenkom. Roel Bouwkamp, doet ook een duit in het hebben-zakje als hij in de mens twee “rollen” signaleert. De zorgende moeder en de structurerende vader. Als je je bewust wordt in wat je hierin hebt ontvangen en wat je hierin mist en zodoende tot goede verhoudingen komt waarbij het receptieve in harmonie met het vormende is dan kom je tot een verbreding van je bewustwording en je vermogen om actief te sturen en kan je problematisch gedrag beter corrigeren. Symptoomgedrag wordt dan in de receptieve houding ontvangen en ge-exploreerd, waardoor er bewust op kan worden gereageerd vanuit de vormende rol. Verandering lijkt dan mogelijk.

De gestalttherapie gaat uit van de awareness-gedachte. Een groei in bewustwording van jezelf en confrontatie met je eigen ontwikkeling en gevoelens geven je meer diepgang in het contact met anderen. Daarvoor is het wel nodig dat je bewust omgaat met je eigen projecties (samenvloeien) en telkens weer komt tot erkenning van jezelf en de ander (deflectie) “Ik ben ik en jij bent jij!”

Van zomaar-zijn naar bewust-hebben en uiteindelijk ook weer bewust-zijn is de route die mij nuttig lijkt voor een overkoepelend ervaringsgericht model om jezelf te ontwikkelen in relatie tot de ander, waarbij je ook nog eens een bijdrage kunt leveren tot de groei van de ander.

Ervaringsgericht bedoel ik hier niet als methodisch foefje, maar als een wezenlijke keuze die aan de theorievorming vooraf gaat. Existentieel zijn we verbonden met de ander (en onze omgeving) en komen we dit het eerst tegen in onze ervaring. Verbondenheid kan niet worden bedacht, maar wel worden ervaren, beseft of zo je wilt worden beleefd. De ervaring kan immers meer bieden dan het denken kan bevatten.

Dat lijkt me een visie die ik in de bijbel herken. De grote nadruk op ‘getuigenis’ gaat voorbij aan het probleem van subjectiviteit/objectiviteit. Getuigenis heeft per definitie een subjectief karakter en we hoeven hier niet minderwaardig over te doen.
Daarnaast lezen we in de bijbel dat God ons leert wie Hij is door goed te kijken naar onszelf en elkaar. Hierin speelt Christus een centrale rol. In Zijn uitnodigende acceptatie mogen we we ook accepterend naar onszelf kijken. De wandel in het licht waar de eerste Johannesbrief over spreekt, zegt ook iets over transparantie en openheid. Zo open leven voor God en je naaste in het besef dat God getrouw en rechtvaardig is om onze zonden te vergeven, kan ons vrijmoedig maken naar God en elkaar. Er is geen veroordeling meer. We mogen vrij zijn van het oordeel van God, onszelf en van elkaar. We mogen vrijmoedig zijn om lief te hebben en elkaar te dienen en om met elkaar te delen in wat we van God hebben ontvangen. In de volle betekenis van het woord.

Ik zeg bewust “mogen” en “kan maken” omdat dit niet altijd door onze ervaring wordt bevestigd. Het is een belofte waarin we mogen groeien en een toekomst waar we hoopvol naar uit mogen zien.

Ronald

Read Full Post »